In ballingschap – generaal Władysław Sikorski

De Poolse regering in ballingschap was voor de Polen in het bezette vaderland, net als voor de Polen verspreid over de wereld, het bewijs en de garantie dat de Poolse zaak levend werd gehouden. Het symbool voor de regering in ballingschap was zijn eerste premier – generaal Władysław Sikorski.

Nancy (Frankrijk), 3 mei 1940. Inspectie van de brigades van de Eerste Divisie Grenadiers tijdens de 3 mei herdenkingsplechtigheden (goedkeuring van de Eerste Poolse Grondwet in 1791). In het midden legeraanvoerder en premier generaal Sikorski, daarnaast (in heldere jas) president Władysław Raczkiewicz. Foto: Pools Instituut en het Generaal Sikorskimuseum in Londen / Centrum Karta
Nancy (Frankrijk), 3 mei 1940. Inspectie van de brigades van de Eerste Divisie Grenadiers tijdens de 3 mei herdenkingsplechtigheden (goedkeuring van de Eerste Poolse Grondwet in 1791). In het midden legeraanvoerder en premier generaal Sikorski, daarnaast (in heldere jas) president Władysław Raczkiewicz. Foto: Pools Instituut en het Generaal Sikorskimuseum in Londen / Centrum Karta

De Poolse regering hoopte met het oversteken van de grens met Roemenië op 17 september 1939 haar activiteiten in ballingschap voort te zetten. De Roemenen wilden de Duitsers niet voor het hoofd stoten en interneerden de Poolse regering. De Fransen waren ook niet enthousiast om samen te werken met de Poolse machthebbers van voor 1939, gecompromitteerd als die waren met een nederlaag. Parijs schoof de hen goed bekende generaal Władysław Sikorski (1881-1943) naar voren, die lang in de oppositie was geweest. De plaatsvervanger van de geïnterneerde president Ignacy Mościcki, Władysław Raczkiewicz, benoemde Sikorski op 30 september officieel als premier, en tevens als opperbevelhebber (Naczelny Wódz). De meeste politieke functies werden ingenomen door politici van de vooroorlogse oppositiepartijen: de Poolse Socialistische Partij, de Nationale Partij, de Volkspartij en de Arbeiderspartij. Maar aanhangers van Piłsudski deden ook mee, zoals de minister van Buitenlandse Zaken August Zaleski of generaal Kazimierz Sosnkowski, verantwoordelijk voor het bezette vaderland. De vervanger van het parlement werd de zgn. Nationale Raad van de Republiek Polen (Rada Narodowa RP), opgericht rond de jaarwisseling van 1939/1940 met Ignacy Paderewski als voorzitter.

Gibraltar, 4 juli 1943. Aanvoerder van het Poolse leger Władysław Sikorski voert een inspectie uit van de bataljons met Poolse soldaten die vanuit Spanje naar Gibraltar zijn overgestoken. Die dag zal generaal Sikorski omkomen bij een vliegtuigongeluk, net na de start vanop de luchthaven in Gibraltar. Foto: Pools Instituut en het Generaal Sikorskimuseum in Londen / Centrum Karta
Gibraltar, 4 juli 1943. Aanvoerder van het Poolse leger Władysław Sikorski voert een inspectie uit van de bataljons met Poolse soldaten die vanuit Spanje naar Gibraltar zijn overgestoken. Die dag zal generaal Sikorski omkomen bij een vliegtuigongeluk, net na de start vanop de luchthaven in Gibraltar. Foto: Pools Instituut en het Generaal Sikorskimuseum in Londen / Centrum Karta

Het doel van de regering met haar zetel in Frankrijk en na de val van Frankrijk in Groot-Brittannië, was het oprichten van militaire en civiele structuren, zowel in ballingschap als in het bezette Polen. Daar functioneerde ook de vertegenwoordiging (Delegatura) van de regering in ballingschap, die zich bezig hield met de opbouw van de ondergrondse staat (zie De Ondergrondse Staat). De regering in ballingschap bereidde belangrijke sociale en wettelijke hervormingen voor om ze in het naoorlogse, democratische Polen in te voeren. Er werd tevens, voor zover mogelijk, buitenlands beleid gevoerd (onder andere een geplande federatie met Tsjechoslowakije of een bondgenootschap met de Sovjet-Unie, het Sikorski-Majski verdrag in juli 1941). Het waren juist de betrekkingen met de Sovjet-Unie die de reden waren dat de regering in ballingschap een steeds zwakkere positie innam, vooral na de tragische dood van generaal Sikorski in Gibraltar. De volgende premiers – Stanisław Mikołajczyk i Tomasz Arciszewski – hadden niet de sterke positie die de generaal had en uiteindelijk besloten de westerse mogendheden op 5 juli 1945 de regering in ballingschap in Londen niet meer te erkennen. De regering in ballingschap bleef echter bestaan tot 1990, hetgeen een significante symboolfunctie was als voortzetting van de soevereine Poolse Republiek.