Katyń: de Sovjet-Unie, vijand of bondgenoot?

De Duitsers waren gedurende de hele oorlog de vijand, Groot-Brittannië en de Verenigde Staten waren bondgenoten. Met de Sovjet-Unie was de zaak een stuk gecompliceerder en in ieder geval dubbelzinnig.

Vanaf 17 september 1939 had Polen een tweede tegenstander – de Sovjet-Unie, die conform het Ribbentrop-Molotov Pact het oostelijke deel van zou bezetten. Daarom lanceerde de regering in ballingschap van Władysław Sikorski de theorie van “twee vijanden” en probeerde (zonder succes) de wereldopinie te overhalen om de Sovjet-Unie te veroordelen. De aanval van Duitsland op de Sovjet-Unie op 22 juni 1941 veranderde radicaal de situatie – van de twee vijanden bleef alleen Duitsland over. De Sovjet-Unie werd een bondgenoot. Sikorski werd ook praktisch door premier Winston Churchill gedwongen om het verdrag met Moskou (het Sikorski-Majski verdrag van 30 juli 1941) te ondertekenen, op bijzonder ongunstige voorwaarden voor Polen. Het verdrag voorzag weliswaar in het aanknopen van diplomatieke betrekkingen en de oprichting van het Poolse leger in de Sovjet-Unie maar repte met geen woord over de grenzen. Tevens was er geen uitleg wat er was gebeurd met de tienduizenden Poolse officieren die in september 1939 door de Sovjet-Unie gevangen waren genomen. Geen wonder, want in het voorjaar van 1940 waren deze officieren op bevel van de partij- en staatsleiders van de Sovjet-Unie door NKVD-functionarissen geëxecuteerd in Katyń, Miednoje en Charkow.

Lijken van duizenden Poolse officieren die krijgsgevangen werden genomen in 1939 en vermoord in de lente van 1940 in Katyń. Deze misdaad kwam aan het licht in april 1943 toen de Duitse radio omriep dat de lichamen van 10 000 door de NKVD vermoorde Poolse officieren waren gevonden in het bos rond Katyń. De Sovjet-Unie stak de schuld op Duitsland. De Poolse regering in ballingschap bevond zich in een hachelijke situatie. Haar initiatief om het Internationale Comité van het Rode Kruis deze zaak te laten onderzoeken was voor Moskou een pretext om de banden op te blazen. De reactie van de Sovjets was om de schuld in de schoenen van de Duitsers te schuiven. Foto: Katyńmuseum
Lijken van duizenden Poolse officieren die krijgsgevangen werden genomen in 1939 en vermoord in de lente van 1940 in Katyń. Deze misdaad kwam aan het licht in april 1943 toen de Duitse radio omriep dat de lichamen van 10 000 door de NKVD vermoorde Poolse officieren waren gevonden in het bos rond Katyń. De Sovjet-Unie stak de schuld op Duitsland. De Poolse regering in ballingschap bevond zich in een hachelijke situatie. Haar initiatief om het Internationale Comité van het Rode Kruis deze zaak te laten onderzoeken was voor Moskou een pretext om de banden op te blazen. De reactie van de Sovjets was om de schuld in de schoenen van de Duitsers te schuiven. Foto: Katyńmuseum

Stalin hield in zijn contacten met het “Poolse” Londen altijd nog de Poolse communisten achter de hand, met als doel hen op het juiste moment te gebruiken bij de onderwerping van Polen. Deze tijd brak aan toen de militaire situatie van de Sovjet-Unie verbeterde en de positie van Stalin in de zgn. Grote Drie zodanig sterker werd dat hij concessies kon eisen van de westelijke geallieerden (zie De geallieerden en de Poolse zaak). De eerste etappe was de toestemming om voor het Poolse leger (het leger van Anders) te vertrekken uit de Sovjet-Unie in 1942. Vervolgens, met als voorwendsel het verzoek van de regering in ballingschap om het Internationale Comité van het Rode Kruis uit te nodigen om de graven in Katyń te onderzoeken en de daders op te sporen, verbrak de Sovjet-Unie weer de diplomatie betrekkingen met de Poolse regering in Londen (25 april 1943). Katyń (de andere plaatsen van de massamoord werden pas een halve eeuw later geïdentificeerd) woog zwaar op de opinie over de Sovjet-Unie in het bezette Polen en deed het anti-Sovjet sentiment sterk groeien. De leiding van de ondergrondse staat begon rekening te houden met de mogelijkheid van een Sovjet bezetting. Hoewel de officiële instructie in de Actie “Burza” (zie Actie “Burza”) aangaf het Rode Leger als een bondgenoot te behandelen, werd er in het geheim een clandestiene structuur opgebouwd in het geval van een Sovjet-bezetting (de zogenaamde “Nee”-organisatie). De vrees bleek terecht: de eenheeden van het Binnenlandse Leger (Armia Krajowa, AK) die verdienstelijk in juli meehielpen met de bevrijding van o.a. Lviv en Vilnius, werden ontwapend en de commandanten en soldaten gevangen gezet.

Samen met de soldaten van het Poolse leger die zich bevonden in de Sovjet-Unie, werden de burgers geëvacueerd naar Iran die door de Sovjets waren gedeporteerd in 1940. Op de foto: een schip met geëvacueerden komt aan in de haven van Pahlavi (nu: Anzali) in Iran, april 1942. Foto: Pools Instituut en het Generaal Sikorskimuseum in Londen / Centrum Karta
Samen met de soldaten van het Poolse leger die zich bevonden in de Sovjet-Unie, werden de burgers geëvacueerd naar Iran die door de Sovjets waren gedeporteerd in 1940. Op de foto: een schip met geëvacueerden komt aan in de haven van Pahlavi (nu: Anzali) in Iran, april 1942. Foto: Pools Instituut en het Generaal Sikorskimuseum in Londen / Centrum Karta

De tijd voor de Poolse communisten was aangebroken, voor wie Stalin eerst de mogelijkheid had gegeven een leger op te richten (zie Van Lenino naar Berlijn) en, na het oversteken van de Bugrivier in juli 1944, die de nieuwe grens van Polen moest worden, gaf Stalin ze de mogelijkheid een vervangende regering op te richten. Tegelijkertijd hielp de NKVD in grote mate met het liquideren van de oppositie. Maar er was ook een keerzijde: de Poolse bevolking, ondanks terechte vrees voor het gedrag van het Rode Leger, zag de inname van Pools grondgebied door het Rode Leger als een bevrijding van de vijfjarige Duitse bezetting. Op het huidige grondgebied van Polen sneuvelden ongeveer 600 000 Sovjet-soldaten.